De zorg draait op toewijding, maar ook op tonnen materialen. Van steriele instrumenten tot geneesmiddelen en voeding: elke dag schuiven ziekenhuizen enorme stromen door het systeem. Precies daar wringt het. 60 procent van de klimaatimpact van een ziekenhuis zit in medische materialen en geneesmiddelen, de rest in voeding, transport en energie. Als je die keten niet verandert, blijft duurzaamheid theorie. Gelukkig beweegt er iets. Binnen de Green Deal Duurzame Zorg groeit een netwerk van meer dan 115 aankopers, duurzaamheidscoördinatoren, beleidsmedewerkers, aanbieders… die samen hun aankoopkracht inzetten als hefboom. “We kijken hoe we die koopkracht kunnen gebruiken om maximale positieve impact te realiseren: sociaal, ecologisch én economisch,” zegt Alexandra Vandevyvere van Vlaanderen Circulair. Met gedeelde eisenpakketten en een leidraad voor circulair aankopen komt duurzaamheid eindelijk in de bestekken terecht. Leveranciers vragen er zelfs om, want zonder vraag kunnen ze niet opschalen.
“Het is belangrijk om naar de volledige levenscyclus te kijken, niet enkel naar de aankoopprijs”
Dat het kan, bewijzen concrete cases. Een herbruikbare hechtset kost minder dan de single-use variant en gaat jaren mee. Transparantie via het digitale productpaspoort maakt recyclage opeens doenbaar in plaats van wensdenken. Wie denkt dat dit puur op idealisme draait, vergist zich. Er is ook een keiharde economische logica: kosten dalen, risico’s krimpen en in een krappe arbeidsmarkt weegt een duurzamere werkplek mee in elke sollicitatie. We gaan kijken waar het echt schuurt, bij procurement, en laten drie bijzondere spelers aan het woord: Alexandra Vandevyvere (beleid en aanbestedingen), Brecht Detavernier (praktijk op de werkvloer) en Rik Holvoet (producent en deelnemer van The Circular Kickstart Healthcare Challenge). Daarbij polsen we niet naar grootse beloften, wel naar werkbare keuzes. Want zo begint zorg zonder verspilling: bij wat en hoe we kopen.
Wat is jullie rol en hoe is die verstrengeld met circulariteit?
Brecht Detavernier: “Ik ben spoedarts, diensthoofd bij het ZAS (Ziekenhuis aan de Stroom) in Antwerpen, en sinds één jaar actief met de start-up Net Zero Healthcare Impact. Op de spoedafdeling zien we in de praktijk wat klimaatverandering doet met gezondheid: periodes van hitte of slechte luchtkwaliteit leiden tot oversterfte, er zijn meer longproblemen en hartfalen. We staan letterlijk in de frontlinie van die verandering. Vanuit die realiteit groeide mijn overtuiging dat de zorg ook zélf haar ecologische voetafdruk moet verkleinen. We doen daarom ecologische analyses van zorginstellingen, vooral ziekenhuizen: koolstoffootprinting en ecologische scoping. Ik zat al jaren in duurzaamheidsteams, maar miste technische kennis. Dat werd de basis om een start-up op te richten die die technische analyse koppelt aan adviesverlening.”
Alexandra Vandevyvere: “Ik werk bij Vlaanderen Circulair, een samenwerking tussen overheid, kennisinstellingen, bedrijven en middenveld. Mijn focus ligt op ‘circulair aankopen’, waarbij we aankoopkracht inzetten om maximale maatschappelijke meerwaarde te creëren: sociaal, ecologisch en economisch. We stimuleren co-creatie, brengen mensen samen en ontwikkelen praktische tools en handleidingen. Via collega’s bij OVAM (Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij) zijn we betrokken bij de Green Deal Duurzame Zorg. Intussen faciliteren we een transversaal ledennetwerk rond circulair aankopen dat de zorgsector helpt om concrete stappen te zetten.”
Rik Holvoet: “Mijn wortels liggen in IT-management. Toen ik nog werkte voor een grote toeleverancier van matrasstoffen vroeg ik me af: wat gebeurt er met matrassen na bewezen diensten? Meestal worden ze verbrand of gestort. We zijn digitale productpaspoorten gaan bouwen om te weten wat in een product zit en het aan einde leven gericht te kunnen ontmantelen en recycleren. Vandaag doen we dat met onze start-up TripleR onafhankelijk voor de matrasindustrie, aangevuurd door Europese ecodesign-wetgeving.”
Waar zit de specifieke klimaatimpact in een ziekenhuis?
Brecht Detavernier: “In het eerste ziekenhuis dat we volledig in kaart brachten, het AZ Maria Middelares Gent, zit circa 60% van de uitstoot in medische materialen en geneesmiddelen. Bijna 40% zit in voeding, transport en energie. Die 60% is heel zorgspecifiek. Dat vraagt ketenoplossingen over honderden, zo niet duizenden, processen heen: leveranciers, aankoopdienst, artsen en verpleegkundigen, logistiek.”
Wat gebeurt er binnen de Green Deal Duurzame Zorg rond circulair aankopen?
Alexandra Vandevyvere: “We merkten dat alle vier themateams (die vier zijn: natuur en gezondheid, klimaat en infrastructuur, materialen en afval & geneesmiddelen in water, red.) met circulair aankopen bezig waren. Daarom hebben we een transversaal ledennetwerk opgezet. Vandaag tellen we 115 leden. We werken aan een laagdrempelige leidraad en twee trajecten rond een gezamenlijk eisenpakket: één voor geneesmiddelen (samen met Brecht) en één voor voeding. We organiseerden een verkennend webinar, want er bestaat al veel materiaal: de Green Deal Circulair Aankopen, de federale gids en de Vlaamse MVOO-criteriatool, een databank met juridisch getoetste duurzaamheidscriteria die aankopers rechtstreeks kunnen opnemen in hun bestekken. Alleen weten veel aankopers nog niet dat het er is.”
Rik Holvoet: ““Ondanks alle tools blijft er veel onwetendheid. Wij besteden bijvoorbeeld de helft van onze tijd aan uitleg over de ESPR, de Europese verordening over ecodesign en duurzame producten, en over het digitale productpaspoort dat daaruit voortvloeit. Dat paspoort moet inzicht geven in de samenstelling en herbruikbaarheid van producten, zodat circulariteit ook praktisch mogelijk wordt.”
Is de zorgsector enthousiast om rond duurzaamheid te werken, of zijn er andere katjes te geselen?
Alexandra Vandevyvere: “Ik ervaar veel betrokkenheid en leerhonger. Aankopers delen bestekken met duurzaamheidscriteria en vragen feedback. In ons recent webinar vinkt meer dan de helft ‘ik wil betrokken blijven’ aan.”
Rik Holvoet: “Enthousiasme en rapporteringsverplichting botsen vaak. Veel wetgeving is complex. Ik ben blij dat Europa het digitale productpaspoort niet naar de lappenmand verwijst: dat drijft verandering omdat producenten anders moeten ontwerpen, met minder grondstoffen, langer gebruik en herstelbaarheid.”
Hoe verhoudt dat productpaspoort zich tot circulariteit in de praktijk?
Rik Holvoet: “Bij matrassen heb je grote restfracties polyurethaanschuim en polyester. Als je precies weet welk type schuim en textiel in een matras zit, kun je gericht scheiden en naar de juiste recyclagetechniek sturen, tot en met chemische recycling naar monomeren. Zonder die kennis vervalt het vaak in laagwaardige toepassingen of verbranding. Het paspoort maakt die transparantie mogelijk en past in de Europese digitaliseringsstrategie.”
Is die Europese wetgeving snel genoeg?
Rik Holvoet: “Het komt, maar traag. Er is veel lobbywerk. Eerst zal men transparantie via het productpaspoort verplichten, in een tweede fase volgen eco-maatregelen (verboden stoffen, gerecycleerde content). Intussen duwen lage grondstofprijzen recyclage weg. Soms moet Europa ook ‘de achterdeur sluiten’, anders ga je kopje-onder aan protectionisme elders.”
Waarom loopt de zorg achter op andere sectoren?
Brecht Detavernier: “Ziekenhuizen lopen inderdaad achter. Andere industrieën zijn al jaren bezig. Oorzaken: veiligheid en hygiëne wegen zwaar, single-use is ingeburgerd (COVID versterkte dat), organisaties zijn complex en traag: beslissingen in ziekenhuizen passeren vele gremia.”
Alexandra Vandevyvere: “Er is ook risico-aversie: hergebruik voelt minder hygiënisch, terwijl dat niet altijd klopt. COVID maakte pijnpunten zichtbaar (grondstofafhankelijkheid, prijsvolatiliteit) en versnelde het bewustzijn. Er zijn nu 229 organisaties aangesloten bij de Green Deal, elk met minstens twee acties. Om dat engagement verder te stimuleren, lanceerde Vlaanderen Circulair een oproep ‘Circulaire Zorg’. Daaruit kwamen zeventien projecten voort, goed voor 1,8 miljoen euro aan steun. De nadruk ligt op samenwerking over de grenzen van organisaties heen – tussen ziekenhuizen, woonzorgcentra, wasserijen en sterilisatiebedrijven. Zo ontstaat een ecosysteem waarin kennis, materialen en infrastructuur gedeeld worden.”
De idee leeft dat circulariteit duurder is.
Brecht Detavernier: “Niet noodzakelijk. Neem de single-use hechtsets die we uit Azië invoeren: ze kosten ongeveer 8,5 euro per set en worden na één ingreep weggegooid. Het alternatief via Sterima in Kortrijk, met sterilisatie en hergebruik, kost 3,5 euro per set, en de instrumenten gaan tot drie jaar mee. Zulke voorbeelden worden steeds talrijker.”
Alexandra Vandevyvere: “Tijdens het traject van ZNA en GZA naar de nieuwe ziekenhuisorganisatie ZAS maakte de duurzaamheidscoördinator een vergelijkende berekening. De herbruikbare sets van Sterima bleken meer dan 100.000 euro voordeliger dan de wegwerpversie. Het toont hoe belangrijk het is om naar de volledige levenscyclus te kijken, niet enkel naar de initiële aankoopprijs.”
Rik Holvoet: “In de praktijk blijft prijs vaak doorslaggevend. Aankopers zijn gewend op prijs te onderhandelen. Nieuwe, duurzame alternatieven vragen andere vragen in bestekken én soms meerprijs. In privémarkten zegt men vaak ‘als het dezelfde prijs heeft’. Dat speelt ook in ziekenhuizen: budgetdruk weegt.”
De zorg beschikt over een enorme aankoopmacht. Hoe kan die kracht een hefboom worden voor verandering?
Brecht Detavernier: “Ziekenhuizen beschikken over een enorme koopkracht. Hun totale omzet loopt in de miljarden. Natuurlijk gaat een groot deel naar lonen, maar ook het budget voor materialen en geneesmiddelen is gigantisch. Als je die middelen verstandig inzet, hoeft duurzaamheid helemaal geen geld te kosten. Wij focussen op processen met de grootste impact en werken met een shared-revenue-model: een deel van de besparingen gaat naar kostenreductie, een ander deel vormt een duurzaamheidsbudget voor volgende stappen.”
Alexandra Vandevyvere: “Een collectieve vraag werkt als een versneller voor innovatie. Leveranciers zeggen het zelf in onze break-outsessies: ‘Wij wíllen dat die vraag komt.’ In veel gevallen staan zij zelfs een stap voor op de aankopers. Pas als duurzaamheid expliciet in de bestekken verschijnt, kunnen zij hun aanbod echt opschalen.”
Besturen spelen een sleutelrol in dit verhaal. Waar lopen ze vandaag op vast, en wat kan hen in beweging brengen?
Brecht Detavernier: “De erkenning van het belang van duurzaamheid voor bijvoorbeeld HR en rekrutering. 70% van jonge Belgen kijkt naar het duurzaamheidsprofiel van de werkgever om een beslissing te nemen om er al dan niet aan de slag te gaan. In een sector met personeelstekorten is dat cruciaal. Daarnaast komt ETS2 (vanaf 2027) met CO₂-kosten op energie en vloot, wat neerkomt op honderden duizenden euro’s per ziekenhuis. Nu stappen zetten is rationeel.”
Rik Holvoet: “De focus is vaak te sterk op de korte termijn gericht. Circulariteit vraagt soms investeringen die pas later renderen. Bovendien: vaak moet één partij binnen de organisatie de inspanning leveren, terwijl een andere de vruchten plukt. Dat vraagt ketensamenwerking en risicodeling, en geloof me, dat is nog niet vanzelfsprekend.”
Alexandra Vandevyvere: “Een circulaire aankoop ‘is’ niet enkel de aankoper: je moet inderdaad de hele organisatie meekrijgen (directie, technische en facilitaire diensten). Daarom werken we aan sessies en webinars gericht op directies en op het ontkrachten van misconcepties (‘het is altijd duur’, ‘het is moeilijk’).”
Lopen wij achter op onze buurlanden?
Brecht Detavernier: “Nederland zit intussen al aan zijn derde Green Deal voor de zorg. Daar gaat het zó snel dat toeleveranciers soms de aankoopverwachtingen niet kunnen volgen. Frankrijk verplicht ziekenhuizen om hun CO₂-voetafdruk en duurzaamheidseffecten te rapporteren en stelt daar sterke tools voor ter beschikking. In Engeland legt de NHS top-down doelen vast: net-zero in 2040 voor directe emissies (scope 1 en 2) en 2045 voor de rest (scope 3). De lokale trusts noemen dat ambitieus, maar vragen tegelijk: hoe beginnen we eraan?”
Rik Holvoet: “Frankrijk verplicht binnenkort een ecolabel op textiel. Daar wachten ze niet op Europa. België stelde ooit een digitaal label voor matrassen in het vooruitzicht, maar dat verschoof richting Europa. Soms moet je durven vooroplopen.”
Welke concrete drempels of kansen zien jullie nog in de praktijk?
Rik Holvoet: “Ziekenhuismatrassen zijn een goed voorbeeld. Ze voldoen aan strenge brandnormen en worden vaak afgewerkt met hoezen die niet recycleerbaar zijn. Oude matrassen verdwijnen soms ongeregistreerd uit de keten. Er bestaan intussen duurzame alternatieven, maar de aandacht gaat meestal naar meer zichtbare thema’s zoals operatiekwartieren, patiëntenkamers of energieverbruik, terwijl de facilitaire stromen grotendeels onder de radar blijven.”
Brecht Detavernier: “In de dagelijkse praktijk zit veel verspilling in inefficiënties: voorraadbeheer, retour van geneesmiddelen – tot een kwart komt gewoon terug naar de apotheek – voedselverlies, energieverbruik in oude gebouwen. Dat zijn stuk voor stuk kansen voor structurele, recurrente besparingen.”
Alexandra Vandevyvere: “Wij proberen bruggen te slaan tussen start-ups en aankopers, bijvoorbeeld via trajecten als Circular Kickstart en Circular Hub. Het is belangrijk dat aankopers de ruimte krijgen om te experimenteren en pilootprojecten op te zetten. Zo groeit vertrouwen en komt innovatie in beweging.”
Welke boodschap hebben jullie voor raden van bestuur en directies die nog twijfelen?
Alexandra Vandevyvere: “Duurzaam is niet per se duurder. We zien sterke voorbeelden, zoals de herbruikbare hechtsets die daarnet vermeld werden, waar het verschil meer dan 100.000 euro in het voordeel van de duurzame oplossing bedraagt. Het vraagt vooral een langetermijnblik: niet focussen op de aankoopprijs, maar op de totale levenscyclus, onderhoud en restwaarde. Wie dat durft, ontdekt dat duurzaamheid financieel vaak gewoon rationeel is.”
Brecht Detavernier: “Denk in modellen die zichzelf versterken. Werk met shared revenue: boek een deel van de besparingen in en herinvesteer de rest in nieuwe duurzaamheidsacties. Zet daarnaast in op de menselijke factor: jong zorgtalent kiest vandaag voor werkgevers die duurzaamheid serieus nemen. En vergeet niet dat de Europese emissiehandel ETS2 eraan komt: wie nu niet anticipeert, betaalt straks letterlijk de prijs. Nu handelen is niet idealistisch, maar logisch.”
Rik Holvoet: “Kijk strategisch en ketenbreed. Circulariteit lukt alleen als je de kortetermijnreflex doorbreekt. Deel risico’s én voordelen binnen de keten: producent, aankoper, gebruiker. Als elk zijn eigen winst probeert te maximaliseren, blokkeert het systeem. Maar als je samen werkt aan herbruikbare oplossingen, win je allemaal.”